In dit eerste deel van ‘basissteken voor vrij borduren’ laat ik je vier steken zien die ik zelf graag gebruik bij vrij borduren. Hierbij wel de kanttekening dat mijn borduurtalent zich vooral focust op kruissteken en dat het vrij borduren nog eh “in ontwikkeling” is. Ik ben dus niet de netste borduurder maar kan je wel de steken uitleggen!

De Backstitch (stiksteek)

De backstitch is een makkelijke steek om nette, rechte lijnen mee te maken. Doordat je twee keer door hetzelfde gat gaat, is het makkelijker om netjes te werken en dit maakt het een ideale steek om je borduurwerk mee te omlijnen of meer definitie aan te brengen.

Stap 1

We beginnen bij deze steek zoals bij de meeste steken en steken de naald van onderen door de stof heen.

Stap 2

Vervolgens steek je de naald een eindje verderop, afhankelijk van hoe groot je je steek wilt, weer in de stof en trek je de draad aan om je eerste steek te maken.

Stap 3

Steek de naald verderop weer van onderen door de stof. Idealiter hou je een even grote ruimte vrij als de eerste steek.

Stap 4

Vervolgens steek je de naald weer in hetzelfde gaatje als waar de vorige steek eindigde en trek je de draad aan, zo ga je verder met het maken van je steken.

De French Knot (Franse knoop)

De Franse knoop is één van mijn favoriete steken; ik vind het effect zo ontzettend leuk. In het begin van mijn borduur carrière kreeg ik deze steek maar niet onder de knie terwijl het toch echt geen moeilijke is. Eventjes oefenen en als je ‘m hebt; is het een topper.

Stap 1

Deze steek maak je volledig aan de bovenkant van de stof en we beginnen dan ook met de draad vanuit de achterkant naar voren te steken.

Stap 2

Sla nu je draad twee keer om je naald heen. Ik heb dat hierboven, om het te laten zien, heel losjes gedaan maar je mag ‘m er gewoon normaal strak omheen wikkelen.

Stap 3

Steek nu de naald een piepklein stukje van waar de draad naar boven kwam in de stof en trek je draadje strak zodat je al een soort knoopje ziet ontstaan op de plek waar je je draad twee keer om de naald had gewikkeld.

Stap 4

Vervolgens haal je de draad door de stof heen en zie je een kleine Franse knoop ontstaan; net een rozenknopje! Hele leuke knoop om mee te experimenteren met verschillende groottes draad en minder strakke en strakkere steken.

De Satin Stitch (satijnsteek)

De satin stitch wordt veel gebruikt om vlakken op te vullen en bijvoorbeeld bladeren te maken. De steek is extra mooi als je heel netjes werkt en de draad goed strak aantrekt, uiteraard niet zo strak dat je stof gaat vervormen. Handig om te weten: bij deze steek verbruik je een stuk meer draad omdat je de draden achterlangs haalt en zo eigenlijk dubbele stukken gebruikt. Kan dat dan niet zuiniger? Nee, want dan krijg je toch echt een ander effect.

Stap 1

We beginnen weer met de draad van achter naar voren door de stof te halen.

Stap 2

Steek nu de naald aan de andere kant van het vlak dat je wilt gaan maken weer in de stof en trek de draad aan..

Stap 3

Steek nu de naald weer van onderen in de stof, net naast waar je begonnen was met de eerste steek. Als je dit naast het einde van de eerste steek doet, gaat dit ten koste van je effect.

Stap 4

Nu steek je wederom aan de overkant van je vlak, net naast het einde van de vorige steek, de naald weer in de stof en trek je de draad aan.

Zo vervolg je je steken om het geselecteerde vlak op te vullen. Zoals je ziet is dit een steek die het beste tot zijn recht komt als je echt netjes werkt en kan mijn satin stitch nog wel wat oefening gebruiken.

De Running Stich (lopende steek)

De running stitch lijkt een beetje op de backstitch maar is wel degelijk anders en ik vond het persoonlijk fijn om het verschil tussen deze twee te weten. De running stitch is een ideale steek om lijnen mee te maken maar geeft je net wat meer vrijheid omdat je niet hetzelfde gat twee keer gebruikt. Meer vrijheid dus maar ook minder makkelijk om heel netjes mee te werken.

Stap 1

Je raadt het al; we beginnen gewoon op de normale manier met de draad door de stof heen halen.

Stap 2

Nu steek je de naald een stukje verderop, afhankelijk van hoe groot je je steek wilt hebben, weer in de stof en trek je de draad aan.

Stap 3

Vervolgens maak je een eindje verderop op dezelfde manier weer zo’n steek. Je kunt variëren met de grootte van de steken de ruimte ertussen of alles juist hetzelfde maken; die vrijheid heb je bij deze steek volop.

De basissteken

Dit zijn de vier steken die ik het meest gebruik bij vrij borduren maar de mogelijkheden zijn eindeloos. Laat ons vooral weten welke steken je in een volgend artikel voorbij wilt zien komen, dan maken we snel een deel 2!

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

This site is protected by reCAPTCHA and the Google Privacy Policy and Terms of Service apply.